Pittenzakken met cijfers

Ken je de pittenzakken van Credu.nl al? Ze zijn inzetbaar om het rekenen en spelen te kunnen combineren. Jullie hebben zelf ook veel ideeën bedacht en ingezonden tijdens de win actie. Hieronder staan 10 lessuggesties op een rijtje!

cijferbeans

Bestel de pittenzakken hier!

Lessuggestie 1
Zet een mand met pittenzakken neer. Maak tweetallen en geef ieder tweetal een pittenzak. Geef de kinderen de opdracht om zo vaak met de pittenzak over te gooien als het cijfer op de pittenzak. Is dat gelukt? Dan mogen de kinderen een andere pittenzak pakken uit de mand. Welke kinderen kunnen tien keer overgooien? Laat ze dit voordoen en tel met de hele klas mee. Maak het meer uitdagend door de afstand te vergroten tussen de twee kinderen.

Lessuggestie 2
Hang tien zakken, vellen papier of lappen stof (met daarop de cijfers van 1 t/m 10) op aan het klimrek of een gespannen lijn door het (speel)lokaal. Zet een mand met pittenzakken neer. De kinderen pakken een pittenzak en proberen hetzelfde cijfer te raken met de pittenzak. Als de pittenzakken op zijn, zoeken de kinderen de pittenzakken en leggen ze op een rij van 1 t/m 10, om zo te kijken of de set weer compleet is. Daarna begint de activiteit opnieuw.

Lessuggestie 3
De kinderen zitten in de kring. Twee kinderen komen naar voren. Een kind gaat zitten met de rug naar de kring en de ander pakt een pittenzak uit de bak en laat deze zien aan de kinderen in de kring. Nu komen hetzelfde aantal kinderen als op de pittenzak staat, stilletjes achter het kind staan die met de rug naar de kinderen toe zit. Lukt het om te raden hoeveel kinderen er nu achter hem of haar staat? Controleer het door de pittenzak te laten zien.

Lessuggestie 4
Iedereen heeft een eigen pittenzak. Geef de kinderen verschillende opdrachten. Leg uit: Gooi de pittenzak omhoog en probeer evenveel te klappen, draaien, springen, zwaaien of je naam te noemen zo vaak als op de pittenzak staat. Is het gelukt, probeer het dan met een pittenzak waarop een hoger getal staat. Was het te lastig? Zoek een pittenzak met een lager getal of probeer het nog eens.

Lessuggestie 5
Kies een tikker. Alle kinderen, behalve de tikker, krijgen een pittenzak. Ze houden de pittenzak goed vast, zodat het cijfer niet te zien is voor de tikker. Spreek met de kinderen vooraf een getal af. Als het kind met dit getal straks getikt wordt, is het spel afgelopen. Tel na afloop het aantal getikte kinderen. Is dat meer, minder of evenveel als het afgesproken getal.

Lessuggestie 6
Zet een parcours neer in het speellokaal met verschillende activiteiten: over een bank lopen, door een tunnel kruipen, van de kast springen, klimmen op het klimrek, springen over obstakels, slootjespringen, etc. Zet tien bakken (waarop de cijfers staan van 1 t/m 10) neer verspreid over het parcours. Geef de kinderen pittenzakken en laat ze de pittenzak in de juiste mand gooien, terwijl ze het parcours volgen.

Lessuggestie 7
Maak met stoepkrijt of tape een getallenlijn t/m 10. Schrijf de getallen 1 t/m 10 naast de getallenlijn. Laat de kinderen bij 0 staan met een pittenzak en geef de kinderen de opdracht de pittenzak te gooien of schuiven tot hetzelfde getal op de getallen als het getal op de pittenzak.

Lessuggestie 8
Leg verschillende kleuren hoepels neer in het speellokaal en geef ieder kind een pittenzak. Laat de kinderen op een rij staan en tel af van 3, 2, 1, gooi! Gooi tegelijk en bekijk in welke hoepels de pittenzakken terecht zijn gekomen. Dit is ook een mogelijkheid om optelsommen te maken als er meerdere pittenzakken in de hoepels terecht zijn gekomen.

Lessuggestie 9
Verstop de pittenzakken in het lokaal. Zet twee bakken klaar waarin de kinderen de pittenzakken gooien als ze zijn gevonden. Spreek af dat in de ene bak de oneven getallen komen en in de andere bak de even nummers. Als alle pittenzakken zijn gevonden, haal je de pittenzakken eruit en controleer je of de pittenzakken in de juiste bak zijn gelegd.

Lessuggestie 10
Leg 10 hoepels neer in een rij, eventueel aangegeven met cijfers of stippenpatroon. Zet aan beide kanten van het lokaal een bak neer met de pittenzakken. Verdeel de kinderen in twee groepen. Zet twee pionnen klaar waarachter beide teams zich in een rij kunnen opstellen. Na het startsignaal mag het eerste kind in de rij een pittenzak uit de bak pakken en in de juiste hoepel gooien. Als dit is gelukt, geeft hij een high-five aan de volgende in de rij. Nu mag de volgende naar de bak rennen en een pittenzak pakken. Welke groep het eerste alle pittenzakken in de juiste hoepel heeft gegooid, heeft gewonnen.

 

Advertenties

Top 5 voorleesboeken voor groep 3

In de kleuterklas wordt veel voorgelezen, maar ook in groep 3 is dit fantastisch! Het is essentieel voor de ontwikkeling, maar ook zorgt het voorlezen voor zoveel plezier. Ik heb vijf boeken op een rijtje gezet die gaan zorgen voor hilariteit in de klas. Ze zijn leuk om in te zetten aan het begin van het schooljaar. Maar volgens mij kun je ze gedurende het hele schooljaar voorlezen, omdat het zulke leuke boeken zijn. Heel veel plezier met voorlezen!

#1 Meester Kikker – Paul van Loon

1001004006426162

#2 De kinderen van de Grote Beer – Carry Slee

623363

#3 De Gorgels – Jochem Meijer

de gorgels.png

#4 De klas van Daan – Rene van der Velde

1001004006541048

#5 Alweer die groep drie – Vivian den Hollander

alweer die groe[p drie

 

Heel veel voorlees-plezier,

wit

Juf Merel

Hard werken is anders dan hoge werkdruk

Leerkrachten zijn aan het woord in een aflevering van De Monitor over de hoge werkdruk in het onderwijs.  Er werden talloze vragen aan de orde gebracht. Is de kwaliteit nog wel gegarandeerd? Wat moet er gebeuren om dit te veranderen? Waarom maak je die schema’s? Heeft het een meerwaarde voor de kinderen? Zorgt het voor beter onderwijs? In deze blog probeer ik leerkrachten te laten inspireren om hard te gaan werken in plaats van een hogere werkdruk te creëren. 

Yes! Mijn groepsplan past op één A4-tje. Oké, ik geef het direct maar toe. Ik ben dol op schema’s, plannen, schrijven en doelen stellen. Alleen raak ik hierbij iedere keer weer mijn zwakke punt: het nakomen van al deze schema’s, plannen, etc.. Een simpel plan om te gaan sparen voor een nieuwe fiets vind ik al knap lastig om vol te houden. Kun je die groepsplannen, handelingsplannen niet vergelijken met goede voornemens? Wees eerlijk. Wie houdt dat vol?

Een goede vraag hierbij komt dan uit de gouden cirkel: WHY? Iedere keer als ik het woordje ‘why’ hoor, zing ik het liedje van het Songfestival (ja, soms ook hardop). Ik vind het belangrijk dat ik het maximale uit de kinderen haal. Ik wil ze ondersteunen en een optimale ontwikkeling bieden, waarbij ze veel plezier ervaren en genieten van de leerprocessen. That’s why! Daarbij is het belangrijk dat ik de kinderen ken, begrijp, zie, ondersteun en nog veel meer. Deze informatie per leerling past niet op één A4-tje. Al die informatie per kind ga ik ook niet opschrijven, want ik zie niet in waarom ik dat zou moeten doen.

Bestand 25-01-16 23 48 03

Ja, ik ben er nog. Want ik heb nu de tijd om gave lessen voor te bereiden.

Ik sta alleen de ochtenden voor de klas en op de vrijdag mag ik ook in de middag lesgeven. Maar ik hoor regelmatig van mijn collega’s om bijvoorbeeld 16.00 uur: “Ben je er nu nog?”  Ja, ik ben er nog. Want ik heb nu de tijd om gave lessen voor te bereiden. Ik heb nu de tijd om die methode aan de kant te gooien en zelf lessen te ontwerpen. Ik ben nu nog even op school om hard te werken. Straks als ik thuis kom ga ik hardlopen, naar mijn paard, breien of stofzuigen. Maar nu werk ik nog even op school.

Volgens Rob de Haan in de Monitor lukt het op school ook nog wel aardig om hard te werken, je staat op een automatisch piloot. Maar zodra je thuis komt, is het mis. Af en toe ervaar ik dit ook. Sorry Sander. Op school gooi ik al mijn energie in het werken, want ik ben er voor de kinderen, ouders en collega’s. Maar dat doe ik ook bewust, ik ben niet voor niks leerkracht geworden. Als ik thuis kom, heb ik even de tijd nodig om op te laden. Kennen jullie het gevoel dat je telefoon nog maar 1% batterij heeft? Dan ren je naar je oplader en maak je een vreugdesprongetje dat je nog net op tijd bent. Als ik thuis kom, gooi ik mijn jas neer en plof ik op de bank. Netflix aan… Straks ga ik wel stofzuigen.

Zijn dat tekenen voor een burn-out? Is dat hoe hoge werkdruk voelt? Ik weet het niet. Ik denk dat het heel belangrijk is om te zorgen voor elkaar. Jelmer Evers noemde hetzelfde. Wij, leerkrachten, zorgen voor de kinderen. Een hele belangrijke taak! Dus lieve leerkrachten, ik geef jullie bij deze een welverdiend schouderklopje voor al jullie harde werk! Laten we elkaar blijven aanmoedigen, voor elkaar zorgen en plezier hebben in ons vak. Denk na over wat belangrijk is om goed onderwijs te geven.

Beloof me nog één ding. Zorg ervoor dat jij morgen het verschil maakt en dat jij tenminste één iemand een onvergetelijke dag bezorgd! Zet jij het knopje maar om.

Geïnspireerd door:

Duurzame Leerkracht

Nou, hier zit ik dan. Ik heb zojuist jufmerel.com de wereld ingegooid. Ik vind het ontzettend spannend om hier mee te starten, maar stiekem vind ik het ook erg leuk en bruis ik van de energie. Mijn grootste inspiratiebron, Sander (meestersander.nl) zit naast me op de bank. Het moest gewoon echt gebeuren: een eigen site. Waarom? Ik hoor, zie en lees zoveel prachtige dingen, daar wil ik iets mee doen. Ik wil het vastleggen, uitproberen en mijn ervaringen delen. So here we go!

Even voorstellen: mijn naam is Merel Troost en ik ben 23 jaar. Sinds 2013 mag ik ervaren hoe het leven van een juf eruit ziet. Ik werk nu in een hele leuke kleutergroep met 20 fantastische kinderen. Ze geven me heel veel energie en ik ga fluitend (ligt niet aan mijn naam) naar mijn werk. Ik ben nog bezig met het afronden van de Master SEN Reken-Wiskundespecialist/ Dyscalculie, maar dat mag de pret niet drukken. Op de vrijdagmiddag geef ik les aan een groep 8 en ik schrijf (sinds kort) projecten voor de Kleuteruniversiteit. Zo, dat was een hele korte beschrijving over mijzelf. Nu gaan we over tot het echte werk: De Duurzame Leerkracht.

In december ben ik gestart met de cursus duurzame leerkracht. Vooral omdat ik meer bewust bezig wil zijn met mijn rol als leerkracht. Ik wil trots zijn op mijn vak, mijn passie delen, plezier hebben op de werkvloer en het allerbelangrijkste: iets betekenen voor de kinderen. Er werd perfect ingespeeld op mijn verwachtingen, want er klonk door de speakers: Iedere leerkracht hoort trots te zijn op zijn vak.

Volgens Jaime Escalante moet je nooit opgeven. Blijf jezelf en deel je passie voor je vak! Doe vooral veel dingen waar je je goed bij voelt. Laat je inspireren door onderstaand filmfragment:

Nog geen genoeg inspiratie voor vandaag? Bekijk deze! Wat een liefde, doorzettingsvermogen en passie heeft deze vrouw: Linda Cliatt-Wayman: How to fix a broken school.

fishlogo-sticky

We hebben ook een introductie gekregen over de Fish! Philosophy. Als je hier nog nooit van hebt gehoord, dan is het een echte aanrader! Neem een kijkje op de website: http://fishphilosophy.com. De opdracht bij de Fish! Philosophy bestond uit: het toepassen van de vier elementen in de klas: je houding kiezen, ze blij maken, spelen en erbij zijn. Maak foto’s en deel die met je collega’s en vertel over je bevindingen. Challenge accepted.

Korte reflectie:

Wat een geweldige werkdag heb je, wanneer je volgens de regels werkt van de Fish! Philosophy. Je loopt de hele dag met een glimlach op je gezicht, de dag vliegt voorbij en je hebt veel positieve aandacht gegeven aan iedereen om je heen: kinderen, collega’s en ouders. Ik had heel veel plezier met de kinderen. We maakten grapjes en hadden de grootste lol. De kinderen voelen zich speciaal door de gerichte aandacht. Ik stond de hele dag op 200%: begroeten, complimentjes geven, genieten, lachen, gesprekken voeren, troosten en ga maar door. 

Bekijk hier de ervaringen van een leerkracht, genaamd Barb Stoflet: